uitreiking bronzen veer

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 



 

Uitreiking Bronzen Veer

door de Stichting Vrienden van Middelburg aan Johan de Koning

Zeeuwse Bibliotheek
24 augustus 2007

Bronzen Veer

Allereerst natuurlijk hartelijk dank voor de toekenning van deze prijs. Toegegeven, het is niet een van de prijzen waar iedere architekt naar smacht, niet in de laatste plaats omdat weinigen hem zullen kennen. Het is echter wel een eer om hem te ontvangen. Zeker omdat het niet voor de hand ligt dat de Stichting Vrienden van Middelburg hun pluim zou doen uitgaan naar een architekt die toch door de meesten beschouwd wordt als een virulent modernist, een rationalist en bovendien een liefhebber van het shock-effect. Ik hoorde al mensen die, waren ze lid geweest van de vrienden, hun lidmaatschap zeker zouden hebben opgezegd, als de vijand beloond wordt met een prijs.
Wat dat modernisme betreft heeft men gelijk: ik maak gebouwen in die traditie. Ze hebben – naar mijn bescheiden mening althans – iets te zeggen over onze huidige cultuur en conditie van leven en samenwonen. Dat doen we nu!
Ons denken en handelen Nu is voor mij een interessanter gegeven dan dat van pakweg 100 jaar geleden. Al verdiep ik me graag in de geschiedenis, ik werk toch vooral in en met het heden. Het komende tegemoet. Vooruit zien is moeilijk, kijken naar vandaag moet te doen zijn.

Met de bekende Britse schrijfster Jeannet Winterson verbaas ik me erover dat velen bang zijn voor of beschaamd lijken over wat we vandaag de dag aan cultuur voortbrengen of zouden kunnen voortbrengen. Uit angst vallen we automatisch terug op ons roemrijke verleden dat helaas al te vaak hopeloos gewoon en dor blijkt te zijn. Evenals de reacties daar dan op van tegenwoordig. Die sterke aanwezigheid van het oude verlamt ons en drijft ons verder weg van grote prestaties. Alsof we de creativiteit en het lef missen om in te gaan op wat we in onze tijd kunnen en wat ons Nu bezig houdt.

Als onze premier het bedrijfsleven nieuw elan toewenst, verwijst hij naar een historische firma die in onze tijd onmiddellijk geconfronteerd zou worden met Europese boetes wegens het overschrijden van richtlijnen op gebied van mededinging en mensenrechten.
Als wij ons op het buro ons buigen over de ontwerp mogelijkheden voor herenhuizen, krijgen we van projectontwikkelaars voorbeelden mee uit het 17e eeuwse Venetië.

Dat is primair een motie van wantrouwen, van existentiële twijfel aan onze hedendaagse kwaliteiten!

Vandaar misschien dat ik het ook bijzonder waardeer om opdrachten te doen in of aan oude gebouwen, monumenten soms, voor een opdrachtgever die iets durft. Die de confrontatie met het bestaande aan wil. Dat er nieuw leven in zo’n gebouw geblazen kan worden, met een vernieuwd of nieuw gebruik en met een hedendaags uiterlijk of innerlijk. Zoals bijvoorbeeld gebeurd is met het enthousiasme en het doorzettingsvermogen van dhr. Pluijmers van Huijs ter Schelde in Koudekerke, bij de geduldige en onverschrokken kerkenraad van de Nieuwe Kerk in Middelburg en ook bij Woongoed Middelburg voor wie we pakhuis Borneo hebben omgezet van een verlaten en verrommeld pakhuis in een kleurrijk onderkomen voor de innovatieve samenwerking van verschillende ontwerpende disciplines. Ook kan ik mw. Schlingmann en mw. Smulders noemen, die beiden een dierbaar oud pand door mij lieten moderniseren. Het zijn maar een paar voorbeelden.

En daarmee wil ik geenszins de opdrachtgevers die mij een geheel nieuw gebouw laten ontwerpen te kort doen, want zij zijn vaak even enthousiast en uitdagend om voor te werken. Vandaag gaat het even over de historische gebouwen. Geen van de genoemde voorbeelden zijn spectaculaire monumentale hoogtepunten. Wel hebben ze een zeer specifieke, karaktervolle geschiedenis, waarvan de finesses niet altijd aan de oppervlakte zichtbaar zijn.
Daar moet je wel je best voor doen. Juist door die bevindingen te confronteren met inzichten, vormen en materialen van nu, komt er dikwijls een onverwacht heldere, frisse situatie naar voren, die weer opnieuw kan functioneren. Precies vanwege dat grote leeftijdsverschil is daar een unieke kans toe. Die moet dan wel benut worden. Alleen zo kom je op een nieuw gezichtspunt, een ander perspectief. Dat vergt een techniek, wat talent en ervaring. Wat mij betreft is dat de belangrijkste opgave van de architekt: het specifieke naar boven halen, het gewone bijzonder maken en dat in een treffend beeld en een bouwkundige structuur vertalen. Dat begint al met een simpele schets van dat wat reeds aanwezig is. Eerst goed kijken. Of dat nou dichtbij huis is of ver weg. Kijken en zien. Zien en doorzien. Verbeelding. Van begin tot eind, van vroeger tot nu. Telkens weer.

Dank u wel.

johan de Koning